Belastingservice van Iersel B.V.

Giftenaftrek in de aangifte inkomstenbelasting

Posted on Feb 4, 2017

Vooraf
De aftrek van giften is geregeld in de artikelen 6.32 tot en met 6.39a van de Wet inkomstenbelasting 2001 (Wet IB 2001). Waar vrijwilligersvergoeding staat, wordt bedoeld: een vergoeding volgens artikel 2, lid 6 van de Wet op de loonbelasting 1964.

1. Welke giften zijn aftrekbaar?
De aftrekbare giften zijn verdeeld in periodieke giften en andere (gewone) giften. Dit onderscheid is van belang omdat voor aftrek van deze giften andere voorwaarden van toepassing zijn.

Gewone giften zijn onder voorwaarden aftrekbaar als ze worden gedaan aan een algemeen nut beogende instelling (ANBI), een culturele ANBI, of een steunstichting sociaal belang behartigende instelling (SBBI). Let er op dat alleen giften aan een steunstichting SBBI aftrekbaar zijn, giften aan een SBBI dus niet.

Periodieke giften zijn onder voorwaarden aftrekbaar als ze worden gedaan aan een ANBI, een culturele ANBI of een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid én minimaal 25 leden. Periodieke giften zijn dus niet aftrekbaar als ze worden gedaan aan een steunstichting SBBI of SBBI, maar weer wel als de SBBI kwalificeert als een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid én minimaal 25 leden.

Kijk voor meer informatie over de voorwaarden voor aftrek op de website van de Belastingdienst:
Periodieke en gewone giften
ANBI, vereniging en steunstichting SBBI

Drempel en maximum alleen voor gewone giften
Voor periodieke giften geldt geen drempel of maximum. Maar een gewone gift is niet volledig aftrekbaar. Er geldt een drempel van minimaal 1% van het drempelinkomen en minimaal € 60. Het drempelinkomen is het verzamelinkomen vóór toepassing van de persoonsgebonden aftrek. De aftrek is beperkt tot maximaal 10% van het drempelinkomen. Voor fiscale partners berekent u de aftrek door de gewone giften en de drempelinkomens van beide partners bij elkaar op te tellen.

Aannemelijk maken van de giften
Voor alle giften geldt dat u deze met schriftelijke stukken aannemelijk moet kunnen maken, bijvoorbeeld met bankafschriften of kwitanties. De Belastingdienst kan deze stukken tot 5 jaar terug bij u opvragen.

2. Wat ziet de Belastingdienst in de praktijk?

Periodieke giften niet vastgelegd
Een veelgemaakte fout bij de aftrek van periodieke giften is dat de gift niet in een akte is vastgelegd. Tot en met belastingjaar 2013 moest dat in een notariële schenkingsakte. Vanaf belastingjaar 2014 mag dat ook met een onderhandse schenkingsakte. Voorbeelden hiervan vindt u op de website van de Belastingdienst.

Verhoging culturele ANBI onterecht of verkeerd toegepast
Giften aan een culturele ANBI krijgen een andere fiscale behandeling dan giften aan een reguliere ANBI. De Belastingdienst ziet regelmatig dat de verhoging voor giften aan een culturele ANBI ten onrechte of verkeerd wordt toegepast.

Alleen giften aan een culturele ANBI mogen met 25% worden verhoogd. Deze verhoging is zowel op de gewone gift als de periodieke gift van toepassing. In het programma ANBI opzoeken ziet u of een ANBI een culturele ANBI is. Staat achter de naam van de instelling een datum in de kolom ‘Cultuur begindatum’? Dan gaat het om een culturele ANBI en mag u de verhoging van 25% toepassen.

De verhoging bedraagt maximaal € 1.250. Als de gift aan een culturele ANBI een gewone gift is, dan geldt hiervoor het maximum aftrekbare bedrag van 10% van het drempelinkomen. Dit maximum wordt dan ook verhoogd met de verhoging die geldt voor de gift zelf.

Voorbeeld
Jessica heeft een drempelinkomen van € 35.000. Zij heeft een gewone gift gedaan aan een ANBI van € 2.500. Daarnaast geeft zij € 3.000 aan een culturele ANBI. Het aftrekbare bedrag is dan:

Vrijwilligersvergoeding onterecht als gift aangemerkt
Neemt u het afzien van een vrijwilligersvergoeding van een (culturele) ANBI als gift in aanmerking?

In de praktijk wordt de aftrek nogal eens onterecht toegepast, bijvoorbeeld omdat de vrijwilliger geen reëel recht had op een vergoeding. Dit kan zich voordoen als de ANBI niet over de intentie of middelen beschikt om aan de vrijwilliger een onbelaste vrijwilligersvergoeding te verstrekken. Is dat het geval, dan heeft de vrijwilliger geen reëel recht op de vergoeding en kan hij deze niet als gift in aanmerking nemen. De voorwaarden voor aftrek in deze situatie, vindt u op de website van de Belastingdienst.

Krijgt de belastingplichtige geen vrijwilligersvergoeding, maar maakt hij wel kosten voor de (culturele) ANBI? Dan kan hij de werkelijk gemaakte kosten onder voorwaarden ook aftrekken als gift. Daarbij is van belang of de vrijwilliger wel of geen vergoeding kan krijgen voor de gemaakte kosten. Kijk voor de voorwaarden voor aftrek in deze situaties op de website van de Belastingdienst.

Ziet de vrijwilliger af van de vrijwilligersvergoeding én maakt hij kosten die niet door de ANBI worden vergoed? En behoren deze kosten naar maatschappelijke opvattingen wel te worden vergoed? In dit geval telt voor de aftrek van de werkelijke kosten alleen het deel mee dat hoger is dan de vrijwilligersvergoeding.

Voorbeeld
Jan heeft recht op een vrijwilligersvergoeding van € 600 van de ANBI. Voor deze ANBI heeft hij daarnaast € 760 aan autokosten gemaakt (4.000 km a € 0,19). Deze autokosten zijn naar maatschappelijke normen aanvaardbaar. Jan ziet af van zijn vrijwilligersvergoeding. Jan mag daarom € 600 als gift in aanmerking nemen. Voor de autokosten mag Jan daarnaast nog € 160  (€ 760 – € 600) in aftrek brengen.

Bron: Belastingdienst